h

Krikke óf Stikken

21 januari 2005

Krikke óf Stikken

Onderstaande notitie willen we inbrengen in de commissievergadering (VOAB) van de gemeenteraad.
Kortgezegd komt het hier op neer: fractievoorzitters maak een duidelijke keuze! Neem afscheid van Pauline Krikke als burgemeester óf laat haar op haar manier haar werk doen, maar hou dan op met de voortdurende aanval over de wijze waarop zij haar burgemeesterschap invult. Van Krikke verwachten wij dat ze eindelijk eens met de vuist op tafel gaat slaan en deze keuze bij de fractievoorzitters gaat afdwingen. Eén ding staat voorop: aan de langslepende kwestie moet eindelijk eens een einde worden gemaakt. Er moet namelijk een ook nog een stad worden bestuurd.

SP fractie in de gemeenteraad van Arnhem.
Arnhem, 21 januari 2005

Krikke of Stikken
Notitie over de verhoudingen tussen burgemeester en fractievoorzitters in de gemeente Arnhem.

Nederland kent honderden burgemeesters. Elk van die burgemeesters heeft zijn eigen stijl en manier van werken. Van de meeste burgemeesters zal de gemiddelde Nederlander de naam niet kunnen noemen. Zij doen hun werk meer op de achtergrond en van deze personen wordt in de media dan ook nauwelijks wat vernomen.

De burgemeesters Cohen, Opstelten en Leers zijn voorbeelden van burgemeesters die hierop een uitzondering vormen. Het gaat hier om functionarissen die regelmatig op de voorgrond treden en zich mengen in het publieke debat. Ze genieten dan ook buiten hun eigen gemeente grote bekendheid.

Van Arnhems eerste burger Pauline Krikke mag rustig worden gesteld dat zij tot de eerste categorie behoord. Ze vervult haar rol op de achtergrond, onderhoud intensieve contacten met bedrijfsleven en met andere overheden, maar treed niet of nauwelijks met âgrote meningenâ naar buiten.

De wijze waarop Pauline Krikke invulling aan haar Burgemeesterschap geeft, is voor iedereen in de Arnhemse politiek waarneembaar. In een artikel van de Gelderlander -onder de samenvattende kop âIk haal niet overal een camera bijâ- heeft ze duidelijk aangegeven op welke wijze zij inhoud wenst te geven aan haar rol als burgemeester. Het mag dan ook verbazing wekken waarom door de Arnhemse fractievoorzitters aan Krikke de opdracht is meegegeven haar rol in een notitie te verwoorden.

Wat wel mag worden opgemerkt is dat Krikke deze helderheid pas heeft verschaft nadat zij in april 2004 van de Arnhemse fractievoorzitters openlijke kritiek op haar functioneren kreeg. Vanuit diverse kampen klonk toen de roep om een burgemeester die vaker âde zeepkist beklimtâ en nadrukkelijker de leiding van het stadsbestuur naar zich toe trekt. Kritiek die overigens binnenskamers grotendeels weer werd ingeslikt of afgezwakt.

Van de notitie kan worden gezegd dat het een ânotitie á la Krikkeâ is. In feite vormt dit schrijven in hoofdzaak een aardig maar saai verslag van de stand van zaken met betrekking tot de invoering van het dualisme in de Arnhemse politiek. Uit de passages over de rol van de burgemeester binnen dit bestel kan worden opgemerkt dat -geheel in lijn met haar eerdere uitspraken - duidelijk wordt dat Krikke vooral een terughoudende rol op de achtergrond wenst te spelen.

De vraag âwat voor een burgemeester wilt u nu eigenlijk zijn?â zoals die afgelopen woensdag door het raadslid Ter Meulen namens de Arnhemse coalitiefractievoorzitters aan haar adres werd gesteld, mag dan ook als âreeds meerdere malen beantwoordâ worden beschouwd. Het is dan ook zeer de vraag of een hernieuwde notitie van de kant van Krikke meerwaarde zal hebben.

De voor Krikke onverwachte commotie die de notitie bij een belangrijk deel van de Arnhemse fractievoorzitters heeft veroorzaakt, laat zien dat Krikke op dit punt klaarblijkelijk âonvoldoende aanvoelend vermogenâ heeft gehad. Aan de andere kant hebben deze fractievoorzitters, door eerst ferme uitspraken te doen om die vervolgens weer af te zwakken, een verwarrend beeld van verwachtingen neergezet.

In het belang van de gemeente Arnhem moet snel duidelijkheid in deze langslepende kwestie worden gebracht. Door de voortdurende openlijke kritiek vanuit de Arnhemse fractievoorzitters op de burgemeester is een beeld van aangeschoten wild rond haar persoon aan het ontstaan. Een dergelijk beeld is bepaald niet bevorderlijk voor het werk dat zij namens en in het belang van de gemeente Arnhem âveelal achter de schermen -verricht. Ook het imago van de Arnhemse politiek als geheel begint op deze manier ernstige schade op te lopen.

Is de roep om een âprominent aanwezige burgemeesterâ onder de Arnhemse fractievoorzitters dusdanig groot dat dit opweegt tegen de kwaliteiten die Pauline Krikke inbrengt, dan zal men ook gevólg moeten geven aan deze wens door zo snel mogelijk om te gaan zien naar een ándere burgemeester.

Zijn de Arnhemse fractievoorzitters van mening dat de kwaliteiten van Pauline Krikke haar functioneren als Arnhems Burgemeester rechtvaardigen, dan moet men genoegen nemen met het feit dat zij haar burgemeesterschap inhoud geeft door een meer terughoudende rol op de achtergrond te spelen. Pauline Krikke is niet Gert Leers of Ivo Opstelten en zij zal dat ook nooit worden. In plaats van telkens op haar zwakke kanten te drukken, waardoor haar sterke kanten worden ondergesneeuwd, kan men er beter voor kiezen haar op deze punten te ondersteunen.

Van burgemeester Pauline Krikke mag worden verwacht dat zij, in het belang van haar functioneren en dat van de stad Arnhem, een heldere keuze bij de Arnhemse fractievoorzitters gaat afdwingen.

Tot slot:
De ideale burgemeester is naar de mening van de Arnhemse SP een gekozen burgemeester met een linkse signatuur, die meer actief is in de Arnhemse wijken dan in Brussel of Den Haag en die meer contacten onderhoud met de Arnhemse burger dan met het bedrijfsleven. Dit is echter gezien de huidige politieke verhoudingen simpelweg niet aan de orde. Het heenzenden van de huidige burgemeester brengt een dergelijk figuur geen stap dichterbij. Vanuit dit perspectief willen wij dan ook opmerken dat naar de inzichten van de Arnhemse SP de kwaliteiten van burgemeester Pauline Krikke ruimschoots opwegen tegen haar zwakke kanten. Wat wij (nogmaals) wel van haar verwachten is dat zij een heldere keuze gaat afdwingen.

Als het gaat om vermeend gebrek aan visie en leiderschap zouden wij de Arnhemse coalitie de suggestie willen doen eens kritisch naar haar eigen functioneren te kijken. Het alom geconstateerde gebrek aan visie en leiderschap binnen het Arnhemse stadsbestuur is in de eerste plaats een gevolg van de door haar gemaakte politieke keuzes.

U bent hier